Dutch
gaat
English
going, is going, goes

Example sentences

WordExampleTranslation
gaatExampleZij gaat vaak uit in het weekend.TranslationShe often goes out on the weekend.
gaatExampleIk denk dat het vandaag gaat regenen.TranslationI think it is going to rain today.
gaatExampleNee, jij gaat niet.TranslationNo, you do not go.
Learn Dutch in just 5 minutes a day. For free.